
Vroeger, toen men met pensioen ging, was het gebruikelijk dat men ongeveer 70% van het laatstverdiende salaris als pensioeninkomen ontving. Tegenwoordig lijkt dit echter een mythe. De meeste mensen ontvangen een lager percentage van hun laatstverdiende salaris. En dat terwijl je tegenwoordig vaak ook langer moet werken voordat je met pensioen mag. Hoe komt dat? Dat leggen wij hieronder uit.
Waar komt de 70%-norm vandaan?
De 70% norm dateert van de periode waarbij de pensioenregelingen zogenaamde eindloonregelingen waren. Deze zijn ontstaan in de jaren ’50–’70, ook wel bekend als de welvaartsjaren in Nederland. Dit was een periode van stijgende lonen en groeiende sociale voorzieningen. Zoals veel wetten, regels en gewoontes, werd ook deze regelingen overgenomen in de toenmalige Nederlandse Antillen.
Het idee was dat een werknemer met een volledige loopbaan (meestal gelijk aan 30 dienstjaren) via pensioenopbouw en de basisvoorziening (AOV) ongeveer 70% van het laatstverdiende salaris zou ontvangen. Bij de eindloonregeling wordt het pensioen berekend op basis van het laatstverdiende salaris en aantal dienstjaren.
De 70% kwam neer op ongeveer 2,33% (bij 30 dienstaren) pensioenopbouw per dienstjaar. Deze 70% werd gebruikt als richtlijn, maar was nooit bedoeld als harde garantie. Het werd immers alleen gematerialiseerd als je de 30 dienstjaren onder de eindloonregeling had volbracht.
VOORBEELD
De heer Sambo werkt bij Awa i Suku N.V. en neemt deel aan een eindloonregeling. Na 30 dienstjaren gaat hij eindelijk met pensioen. Per jaar bouwde hij 2,33% pensioen op. Dit betekent dat de heer Sambo bij het bereiken van zijn pensioenleeftijd in totaal 70%(= 30 x 2,33%) van zijn laatstverdiende salaris ontvangt. Dit geval is wat bekend staat in de bevolking als volgestort.
De heer Girigorie daarentegen heeft 20 jaar bij dezelfde organisatie gewerkt. Bij het bereiken van zijn pensioenleeftijd ontvangt hij ongeveer 47% (= 20 x 2.33) van zijn laatstverdiende salaris aan pensioen. Dus ook onder de eindloonregeling was de 70% geen garantie maar was het afhankelijk van het aantal dienstjaren.
Waarom is dit nu moeilijk haalbaar?
Veel mensen denken nog steeds dat ze automatisch recht hebben op 70% van hun laatstverdiende salaris. Helaas is dit niet het geval. De wereld is veranderd, en daarmee ook ons pensioenstelsel:
Tegenwoordig vallen de meeste mensen niet meer onder een eindloonregeling, maar onder een middelloonregeling of een DC-regeling.
- Middelloonregeling: hierbij bouw je elk jaar pensioen op over het salaris van dat jaar. Al die jaarlijkse opbouwbedragen worden bij elkaar opgeteld tot het uiteindelijke pensioen. Omdat het salaris in de beginjaren meestal lager ligt dan aan het eind van de loopbaan, valt het totale pensioenbedrag vaak lager uit dan bij een eindloonregeling waar alleen naar het laatste salaris wordt gekeken.
- DC-regeling (Defined Contribution): Bij een eindloonregeling en een middelloonregeling staat het pensioen dat je per jaar opbouwt, centraal. Bij een DC-regeling wordt niet van tevoren vastgelegd hoeveel pensioen je later precies krijgt. In plaats daarvan wordt elk jaar een premie (een bedrag) ingelegd, vaak berekend als een percentage van het salaris. Die premies worden belegd en zo bouw je stap voor stap een pensioenkapitaal op. Op pensioenleeftijd wordt het pensioenkapitaal omgezet in een periodieke uitkering, je pensioen. De hoogte van het uiteindelijke pensioen hangt dus af van het aantal jaren dat je premie hebt betaald, de hoogte van je premie, de beleggingsresultaten van het fonds, maar ook van de tarieven die het fonds gebruikt om op pensioenleeftijd je pensioenkapitaal om te rekenen in een periodieke uitkering.
VOORBEELD
De heer Martina werkt 30 jaar bij Tech 4 All N.V. Elk jaar bouwt hij 2% pensioen op, rekening houdend met het salaris dat hij dat jaar verdient. Zijn salaris stijgt in de loop der jaren van XCG 3.000 naar XCG 6.000 per maand.
Bij pensionering ontvangt hij een pensioen dat is opgebouwd uit de optelsom van al die jaarlijkse delen. Daardoor komt zijn uiteindelijke pensioen uit op ongeveer 50% van zijn laatstverdiende salaris.
VOORBEELD
Mevrouw Anastasia werkt bij Bellesa Propio B.V. en neemt deel aan een DC-regeling. Jaarlijks betaalt ze 12% van haar salaris aan pensioenpremie Na 30 jaar heeft zij, inclusief rendement, een kapitaal opgebouwd van XCG 500.000. Op de pensioendatum zet het pensioenfonds dit bedrag om in een levenslange uitkering We zeggen ook dat pensioen op dat moment wordt aangekocht.
De uiteindelijke maandelijkse pensioenuitkering van mevrouw Anastasia hangt dus af van hoeveel aan premie is betaald en voor hoe lang, de rendementen die het fonds behaald heeft bij het beleggen van die premies en de tarieven die op dat moment gelden bij aankoop van het pensioen.
De wijziging van regeling (van eindloonregeling naar middelloon regeling of DC-regeling), heeft de 70% norm moeilijk haalbaar gemaakt.
Mogelijke oplossingen om tóch dichter bij 70% te komen
Dat de 70% tegenwoordig lastig te bereiken is, betekent niet dat er geen mogelijkheden zijn. Door slim en tijdig te plannen en bewust te sparen, kan je jouw inkomen tijdens pensioen aanzienlijk verhogen. Laat je daarom goed informeren over jouw persoonlijke pensioensituatie: hoeveel je hebt opgebouwd, wat je straks zult ontvangen. Beoordeel dan voor jezelf of dat genoeg is voor de levensstijl die je wilt behouden. Blijkt er een tekort te zijn, dan kun je tijdig bijsturen door bijvoorbeeld extra te sparen. Hoe eerder je inzicht hebt, hoe meer keuzes je hebt om straks zorgeloos van je pensioen te genieten. Dit zijn twee praktische oplossingen:
- Extra storten in je pensioen (DC-regeling). Bij een DC-regeling kun je vrijwillig extra inleggen. Dit levert bij pensionering een groter kapitaal op en biedt ook fiscale voordelen. Bij een DB-regeling is dit meestal niet mogelijk.
- Zelfstandig vermogen opbouwen. Naast de AOV en het pensioen dat je via je werkgever opbouwt kun je ook zelf sparen of verantwoord beleggen om op pensioenleeftijd extra inkomen te hebben. Denk hierbij aan levensverzekeringen, lijfrenteproducten of vastgoed.
Conclusie
Tegenwoordig is het lastiger om 70% van je laatstverdiende salaris als pensioeninkomen te bereiken. Daarom is het belangrijk om je op tijd te laten informeren en samen te kijken welke opties voor jou mogelijk zijn. Hoe eerder je begint met plannen, hoe meer ruimte je hebt om bij te sturen en invloed uit te oefenen op je toekomstige inkomen.
Door bewuster te plannen en bijvoorbeeld extra te sparen en eventueel verantwoord beleggen kun je de kloof tussen je totaal inkomen op pensioenleeftijd en de mythische 70% toch aanzienlijk verkleinen. Zo kan ook jij zorgeloos en stressvrij genieten van je pensioen.

